dinsdag 22 januari 2013

Forever wordt Neeltje, deel 5

Klik hier voor deel 1
Klik hier voor deel 4

Het verfwerk is gereed! Een laatste rondje rond de boot in de schildershal:




De boot wordt hierna bij Loedeman binnengezet voor de montage van alle onderdelen (zie plaatje van 8 februari onderaan dit bericht). Dan is een omvangrijke onderhoudsbeurt klaar. Over twee maanden gaat het schip als Neeltje te water en nieuwe avonturen tegemoet. Wij nemen u weer mee op reis, tot dan! Jan

Naschriften :

2 februari 2013 : Neeltje staat nog in de schildershal. Goed beschermd onder plastic, in verband met spuitwerk aan andere schepen.

8 februari 2013 : Het laatste montagewerk bij Loedeman is begonnen. De kuipbankjes zijn al geplaatst. Het schip gaat over een week weer als nieuw naar buiten.

Het schip heeft bijna drie maanden binnen gestaan. Drie mooie maanden. Veel gezien en geleerd. En ook een erg fijne tijd door de hartelijke contacten met alle medewerkers van Klaver en Loedeman!

vrijdag 18 januari 2013

Teak schoonmaken door te schuren

Neeltje is bijna klaar. Van het lakwerk rest nog de antislip op de dekken en de rode antifouling op het onderwaterschip. Daarna gaan we weer opbouwen.

De vloerroosters van teak lagen er nog net zo bij als toen ze van de boot afkwamen. Ik was gewend om deze in het voorjaar af te spuiten of met een borstel te schrobben. De timmerman gaf aan dat je dan het zwakke hout weg spuit of borstelt. Even opschuren geeft ook een mooi resultaat en spaart het hout. Het mooiste resultaat krijg je door de roosters uit elkaar te schroeven, maar dat ging mij te ver. Schuren kan met korrel 100.

Verder nog wat plaatjes van vandaag. De lak is letterlijk als een spiegel!

De voorbereiding voor het aanbrengen van het antislip:

De kuip is klaar en wacht op het definitief aanbrengen van het nieuwe teak. De eerder getoonde vloerroosters kunnen na montage van het motorluik weer geplaatst worden. Stuurwiel en console komen ook nog aan de beurt.

Wordt vervolgd.

zondag 13 januari 2013

Polijsten van roestvrij staal

De boot wordt geschilderd. In Elburg is men begonnen met het spuiten van de toplagen. Het resultaat toon ik in het volgende bericht.
Verschillende onderdelen liggen nu te wachten op montage. Onderdelen van onbehandeld teak, gelakt oregon pine of roestvrij staal, meestal verweerd. Het is niet fraai om de pas geschilderde boot te voorzien van dit materiaal. Dus wordt er geschuurd, gelakt en gepoetst. Maar wat te doen met roestvrij staal?

Op internet is een handleiding gauw gevonden. Op You Tube staan genoeg demonstratiefilmpjes. Maar meestal toont men professioneel en kostbaar gereedschap. Is er iets voordeligs wat goed bruikbaar is? Jazeker:

De plaatselijke "ijzerwarenwinkel" Dullaert Zutphen had o.a. deze set van Wolfcraft liggen. Daarmee kunnen we met een boormachine aan het werk. Let op: Niet te lichte hobbyboormachine gebruiken. Er is nogal wat zijwaartse druk nodig. De getoonde set heeft een sisalborstel en een katoenen lappenborstel en bijbehorende pastablokjes.

De behandeling van het rvs kent 4 stappen:

1. Voorslijpen met schuurpapier korrel 400
2. Voorpolijsten met de sisalborstel
3. Polijsten met de katoenen lappenborstel
4. Eventueel hoogglanspolijsten met flanel

Het resultaat na stap 3 is voor mij voorlopig voldoende. Het is een eenvoudig werk, maar reken wel op vuil. De polijstpasta geeft een vette smurrie die overal in gaat zitten. Polijsten thuis of op de boot betekent dus ook het heel goed beschermen van de omgeving.

Nog een internetsite met duidelijke informatie: De polijstwinkel

Succes!

vrijdag 14 december 2012

Forever wordt Neeltje, deel 4

Klik hier voor deel 1
Klik hier voor deel 3

Inmiddels staat ons scheepje in Elburg al weer drie weken binnen. De firma Klaver is gisteren begonnen met het spuitwerk. De eerste lagen voorlak zijn aangebracht. Het oppervlak wordt later nogmaals geschuurd en bijgewerkt. Daana volgen de toplagen in keur.

De plaatjes van vandaag:

"Lady in white....."

De firma Loedeman heeft de kuipbankjes klaar.
Deze zijn nu even los geplaatst en pasklaar gemaakt.

Ik krijg nu al weer zin in het vaarseizoen!

Klik hier voor deel 5

vrijdag 7 december 2012

Forever wordt Neeltje, deel 3

Klik hier voor deel 1
Klik hier voor deel 2

Code oranje! Buiten een sneeuwstorm, binnen is het lekker warm. Zeker ook in de schildershal in Elburg. In deze week zijn alle slechte plekken bloot gelegd en is men begonnen met schuren, vullen, schuren......

Na de Amerlock 400 epoxy primer (zwart) wordt eerst een vullaag EUP plamuur aangebracht (roze). Daarna volgt nog afwerkplamuur.

In de kuip is het motorluik verwijderd. De opening is dichtgezet met een plaat hout. In de (nu zwarte) gleuf zitten twee openingen voor de afwatering. De kuip heeft hiermee in totaal 6 loospunten. Voorafgaand aan de montage moet ik hier nog een foto maken met het zicht op de motor, dat zie je anders nooit meer.
Naschrift 2 februari 2013: Die foto vindt u terug onderaan het bericht: De motorkamer

Op deze plek geen anker meer.

Het mooie aanzicht is er nu wel even af. Na het behandelen en opvullen van de slechte plekken wordt de romp geheel glad geplamuurd en geschuurd. Dan volgt het spuitwerk, maar zover zijn we nog niet.
Het onderwaterschip was in 2008 behandeld. Deze krijgt alleen een nieuwe laag antifouling.

Bij Loedeman zijn de bankjes uit Teak bijna klaar. Houtbewerking is en blijft een fantastisch vak!

En thuis is er ook wat te doen. De nagelbank blijft blank gelakt. Ik zou ook zonder kunnen, maar iets moet nog herinneren aan de oude zeilvaart.

Klik hier voor deel 4

vrijdag 30 november 2012

Forever wordt Neeltje, deel 2

Klik hier voor deel 1.

Onze motorsailer wordt in Elburg flink onder handen genomen. Zoals al in deel 1 vermeld verandert kleur en naam. Om een eerste indruk te geven hierbij de tekening van de nieuwe kleurindeling en daaronder de oude indeling.

De oude kleur blauw, Mauritius Blue (International 018), leek bij matig licht, zeker in combinatie met de witte band, bijna zwart. Die combinatie deed mij altijd denken aan de oorlogschepen uit de tijd van de (Forever) Vliegende Hollander ....
Daarom nu één tint lichter. Ik heb ook gekozen voor zo weinig mogelijk kleurovergangen. Elke kleurovergang geeft bij onderhoud extra werk. De kleur van de bovenbouw laat ik daarom aanbrengen tot dekhoogte. De witte bies boven de waterlijn blijft, maar met een kleurovergang minder.
De nieuwe kleur van de romp wordt Carinthia Blue (AWL Grip H 5342)
De kleur van de opbouw blijft ongeveer gelijk, Oyster White (AWL Grip H 8139)
Op de volgende afbeelding een vergelijk.

En dan het beeldverslag van vandaag:

Alle afneembare onderdelen zijn verwijderd. Bij de schootrail was dat niet goed mogelijk. De schootrail is bevestigd met bouten. De bijbehorende moeren zijn niet meer bereikbaar. De rail blijft daarom zitten. Om overal bij te kunnen moet het motorluik ook nog weg.
Na het verwijderen van de onderdelen wordt elke roestvorming grondig weggeslepen:

De kaalgeslepen plekken worden eerst met een roestwerende epoxyprimer behandeld. Hiervoor is Amerlock 400 gebruikt. Door de kleur van dit goedje is de opbouw nu een zwart-bonte verschijning:

Ondertussen wordt er bij de buren gewerkt aan het teak uit de kuip. De bankjes krijgen een nieuw teakdek en worden 5 cm hoger. Dat laatste om al zittend beter zicht naar voren te hebben.

Klik hier voor deel 3

vrijdag 23 november 2012

Forever wordt Neeltje, deel 1

Een stalen boot blijf je schilderen. Dat is niet zo erg, als de basis maar goed is. Jaarlijks beschadigingen en enkele roestplekjes bijwerken is goed te doen. Het wordt erger als de lak aan het einde van de levensduur is. Dan zijn grotere oppervlakken aan de beurt, misschien wel de hele boot. Dat is nu het geval bij onze motorsailer. In juni ontdekte ik al verbrokkeling van de lak. Na een zomer op zout water werd nog duidelijker dat we niet aan een grote schilderbeurt ontkwamen. De grote vraag is dan: zelf doen of laten doen. Zelf doen vraagt veel tijd, laten doen is kostbaar. Veel tijd hebben we nog niet. En we hebben ook geen ploeg kennissen klaar staan die wel even een maand lang gaat schilderen. Met zelf doen is de kwaliteit van professioneel schilderwerk ook niet te benaderen. Dus dan toch maar een offerte aangevraagd. Vervolgens vraag je je wel drie keer af waarom je aan een stalen boot begonnen bent ....

Maar na enige bedenk- en gewentijd kwamen we tot de conclusie dat nu investeren jarenlang veel minder werk en veel meer vaarplezier betekent. Uiteindelijk hakten we de knoop door en staat de boot nu binnen bij Klaver in Elburg.


Als er dan toch geschilderd wordt: Dan maar gelijk in de door ons gewenste kleuren. En dan die naam: Forever..... We gaan zeker nog een tijdje door, maar voor altijd? Daar geloven we niet in. En bijgelovig zijn we trouwens ook niet, dus een andere naam moet kunnen. En de naam wordt Neeltje. Lekker oud-Hollands, past wel bij ons "klompje". En er is nog een reden voor, maar die vertel ik hier niet.... Volgende keren meer over de nieuwe kleur en de naamswijziging, maar nu eerst wat plaatjes van vandaag:


Alles moet van het staal af, ramen, rails, lieren, noem maar op.


De boot wordt kaal.


De kuipbanken zijn verwijderd. Deze krijgen bij de firma Loedeman een nieuw teakdek. (De werkplaatsen van Klaver en Loedeman staan in Elburg naast elkaar) Loedeman verzorgt ook de demontage en de montage van ramen en andere onderdelen.


Klik hier voor deel 2.

maandag 6 augustus 2012

Uitwijken naar Accumersiel ?

Deel 5 van onze vakantie 2012. Voor deel 4 klik op: Verwaaid in de Kleine Belt.

Voor de derde week van onze vakantie werd goed weer voorspeld. Oostelijke winden en geen buien meer. In de week daarna wisselvallig weer. Wij kozen daarom om in week drie van de Oostzee naar Lauwersoog terug te varen. We hadden dan nog een week over voor de tocht naar Ketelhaven.


Eindelijk mooi weer op de Oostzee.

Op zondag 22 juli verlieten wij Kappeln aan de Schlei voor een tocht naar Kiel. Prachtig zeilweer deed vele slechte dagen vergeten. We wilden havens blijven aandoen waar we nog niet geweest waren. Deze dag werd dat Kiel-Wik. Een stille verenigingshaven naast de marinehaven. Maar wel bijzonder, die grote grijze vloot naast je. En om 07:00 uur 's ochtends: Vlag hijsen (in de marinehaven). Dan klinkt er door de omroepinstallaties een commando, gevolgd door een marsmuziekje. Op alle boten hijst men dan de Duitse driekleur. Om 08:00 uur 's avonds het strijken van de vlaggen op de zelfde wijze. Bijzondere momenten!


Bij de marine in Kiel.

De haven Kiel-Wik ligt ook vlak bij de sluis naar het Nord-Ostsee-Kanal. Dat nodigt uit voor een wandeling naar de eerste Hochbrücke. Vanaf die brug heb je een prachtig uitzicht over het Nord-Ostsee-Kanal, het sluizencomplex en de Kieler Förde.

Zou deze wel in die sluis passen? Kiel-Holtenau


Die sluis is groter dan gedacht. Kiel-Holtenau, 's ochtends 08:00 uur

Wij vertokken de volgende ochtend om 07:30 uur en konden gelijk aansluiten bij een vrachtschip in de grote sluis. Later hoorden we dat andere boten na ons vier uur (!) moesten wachten. Wat een mazzel. Wij voeren naar Rendsburg om daar te tanken en eten in te slaan. Ook om nog even lekker te ontspannen, want de volgende dagen werden lange dagen.


De haven van Regatta-Verein Rendsburg.

Hoogwater rond de klok van zes betekent in Brunsbüttel aan het einde van de middag gelijk door de sluis naar Cuxhaven. In Cuxhaven hebben we de Americahaven uitgeprobeerd. Wat zal ik daarover meedelen. Men zegt: Altijd plek. Maar de haven lag bijna vol. Veel passanten uit Nederland. Je ligt er rustig, maar van slapen komt niet veel als er een vrachtschip stenen ligt te lossen gedurende de gehele nacht!


Mediterrane sfeer op het Nord-Ostsee-Kanal.

De volgende dag vroeg de Elbe af. Opvallend was de geringe ebstroom. Ligt dit aan het doodtij, rond het eerste kwartier? Ik weet het niet. Daardoor kwamen wij wel tijd te kort voor aankomst rond hoogwater te Norderney. Alleen op de motor lopen wij niet meer dan 5 knopen. In de plaats van Norderney kozen wij voor een stop in Accumersiel. Wij vreesden drukte op het eiland Langeoog en Accumersiel is niet veel verder weg. Beide havens worden bereikt via het zeegat Accumer Ee tussen de eilanden Baltrum en Langeoog. De Accumer Ee is smal en ondiep, zoals ook andere zeegaten tussen de Duitse waddeneilanden. De betonning was goed in orde, maar de lijn van de tonnen was sterk verspringend. Goed opletten dus. Wij maten bij hoogwater 4 m diepte. Bij eb staat hier dus erg weinig water. De geul naar de haven van Accumersiel is eveneens niet diep. De haven zelf houdt ook weinig water. In- en uitlopen dus bij minimaal half tij. We lagen er rustig en konden een lekker visje eten in de Fisch-Imbiss. De volgende ochtend weer vroeg uit de veren. Nu bleek dat er die nacht een stevige wind had doorgestaan. Ik had er al rekening mee gehouden, maar de vanuit het noorden binnenlopende zee bouwde op de ondiepte in de Accumer Ee aardig op. Onze boot had er geen moeite mee, maar ik heb mensen zien omkeren.


Uitzicht over het wad vanuit Accumersiel.

De tocht kreeg nog een heftig vervolg. Op zee bleek een ruwe zee schuin achter in te lopen. Een letterlijk misselijk makende zee. De achterlijke wind hield het schip niet zijdelings vast en we rolden flink. De schipper kan daar niet zo tegen. De vissen kregen wat mee. Pas bij de ton Riffgat konden we een betere koers varen en de zeeziekte was op slag over.


Het zeegat uit!

Ook ter hoogte van het Riffgat hoorden we een noodoproep. Iets wat wij nog niet eerder meemaakten. Een Mayday van een Nederlands jacht. Door de afstand had ik geen goede ontvangst. Het Mayday-relay van andere schepen was echter zeer duidelijk. Een echtpaar, beiden 54 jaar, wilde de Accumer Ee op. Het 7 m lange schip met zwaardkiel raakte een zandbank en de boot sloeg lek. Het echtpaar is gered door een Duitse visser, hun boot zonk. Deze zeegaten zijn gevaarlijker dan de zee zelf. Maar ik weet natuurlijk niet wat er precies speelde. De oproep kwam kort na laag water. Door dit voorval vergeten we deze dag niet meer.

Wij kwamen op 26 juli goed aan op Borkum. Ondanks de eerdere zeeziekte liet ook de schipper zich de maaltijd bij restaurant Baalmann goed smaken! We konden de volgende dag genieten van een heerlijke ochtendtocht naar Lauwersoog.


Avondsfeer in Dokkumer Nieuwe Zijlen.

Lauwersoog betekent altijd een beetje bijkomen en afscheid nemen van de zee. Ook weer van het goede weer! De resterende dagen kregen we de ene na de andere bui over ons heen. Alleen op woensdag kwam de zomer even terug.


Zomer in Friesland. Langs Warga.

Het was een vaarvakantie met regelmatig te harde wind en regen. Ondanks die wisselvalligheid is de vakantie erg goed bevallen. Aanpassen aan de omstandigheden blijft het beste. En op de wal is zoveel te zien!

Maar of we de boot nogmaals lang van te voren wegbrengen? Nu denk ik van niet. Het kost heel wat moeite en de boot is lange tijd weg. Op een zaterdag naar de haven rijden, al is het alleen maar om op de boot te zijn. Dat heb ik in de tijd voor de vakantie gemist. Dat ga ik nu nog even inhalen. En in volgende jaren? Dat zien we dan wel weer.

Verwaaid in de Kleine Belt

Deel 4 van onze vakantie 2012. Zie voor deel 3: Met 6 Bft in de Duitse Bocht ...

Op zondag 8 juli zijn wij met de trein naar Rendsburg gereisd. Gelukkig lag de boot al in Rendsburg. Met het voorspelde weer zouden we niet vanuit Nederland richting Oostzee gevaren zijn. Alle moeite van het vooraf wegbrengen van de boot was dus niet voor niets.
Na op maandag de bootvoorraad te hebben aangevuld vertrokken we voor een korte tocht door het Kieler Kanal richting Kieler Förde. Bij de sluizen in Kiel-Holtenau wachtte ons een verrassing. De kleine sluizen waren defect. Alle boten, grote- en recreatievaart, moesten door de grote sluizen. En dat in vakantietijd! Achteraf las ik dat een defect aan één van de deuren de oorzaak was. Men kon niet anders! Wij hadden op die dag geluk en konden direct de sluis invaren. Maar we hadden pech met het weer. Bij vertrek uit de sluis braken de hemelpoorten open en trok de wind aan tot een dikke 6 Bft. Probeer dan maar eens lekker ergens een havenbox in te varen. Met die ervaring en de weersvoorspelling in gedachten besloten we vanaf Kiel in kleine stapjes noordwaarts te reizen, richting Kleine Belt. Wij waren daar nog nooit geweest en de onvoorspelbare weersituatie gaf daar nu alle aanleiding toe.
Uiteindelijk hebben we in de eerste twee weken drie Fjorden bezocht.


Onder zeil de Kieler Förde uit!

1. Kappeln aan de Schlei


Het havenfront van Kappeln

Varend van noord naar zuid of omgekeerd hadden we al eens Maasholm aan de Schlei aangedaan. Nu zijn we verder gevaren naar Kappeln. Dat beviel ons zo goed dat we op de terugweg nogmaals de Schlei zijn opgevaren. Kappeln heeft vele havens. Wij kozen op de terugweg voor de verenigingshaven net na de brug. De brug opent om het uur, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat. Geen belemmering dus.


De Schlei bij Kappeln

Vanuit Kappeln konden we prachtige fietstochten maken langs de Schlei en langs de Oostzeekust naar het natuurgebied Geltinger Birk. Natuurlijk moest ik ook de historische Eisenbahnklappbrücke zien bij Lindaunis en het plaatsje Arnis, waar onze zeekaarten gemaakt zijn. En over Eisenbahn gesproken: Grenzend aan de haven in Kappeln is het terrein van de Angelner Dampfeisenbahn Kappeln - Suederbrarup


2. Glücksburg aan de Flensburger Förde


De haven van de Flensburger Segelclub e.V. aan het Quellental.

Het weer bleef wisselvallig. Elke dag trok de wind aan tot 5 bft, in buien 6 tot 7 Bft. Wij kozen na Kappeln voor een vaartocht richting Flensburg. We hadden echter geen zin om in de stad te gaan liggen en kozen voor een haven eerder, die van Glücksburg. Dat was een gelukkige keuze! De haven ligt volledig in de natuur. Vanuit de haven kijk je over de Förde. De winkels liggen op fietsafstand en vlakbij ligt een mooie boulevard. In de omgeving zijn vele fietsuitstapjes mogelijk, natuurlijk ook naar Flensburg.

Wasserschloss Glücksburg

Centrum Flensburg


Avondstemming vanaf de boot in de haven van Glücksburg

3. Haderslev aan de Haderslev Fjord

Dan toch naar de Kleine Belt, met een tussenstop in Sonderborg. De marina's wilden we niet aandoen. Liever kleine knusse havens, "weg van de snelweg". Na de passage van de klapbrug in Sonderborg viel ons oog op een verenigingshaven, direct aan de Fjord. We hebben daar aangelegd. Een fijn ligplaatsje met uitzicht op de voorbij trekkende botenstroom.


Aan de steiger in de Sonderborg Fjord

Alle gelezen paniekverhalen over de klapbrug in Sonderborg lijken ons niet meer van toepassing. De brug opende nu elk half uur, ook op zondag.


Brugopening Sonderborg

Het weer veranderde niet, 's morgens rustig en 's middags buien en loeiende wind. Wij kozen voor een tocht richting Haderslev Fjord. Diep weg in de Fjord is het rustiger liggen dan aan open havens aan de Belt. Ook de grote stroom boten blijft weg uit de Fjord. Haderslev werd ook weer een aangename verassing. Rustig aan de gemeentelijk kade en toch vlakbij het centrum. Het stadje is het bezoeken waard. En ook Haderslev heeft een museumtrein!

Langs de kusten van de Kleine Belt.

Haderslev haven.

Haderslev centrum.


Haderslev Fjord

Na anderhalve week varen met veel wind en buien vroegen wij ons af wat we wilden. Doorvaren om Sjealland of rustig terug richting Kappeln om bij de eerste de beste mogelijkheid de Duitse Bocht "te nemen". Ik had niet zo veel zin meer om de boot weer in Duitsland te laten liggen en nogmaals met de trein op en neer te moeten reizen. We hadden beiden wel zin in een rustige terugreis via onbekende haventjes. De keuze was snel gemaakt. We kozen voor de terugtocht naar Kappeln, ditmaal oostelijk langs het eiland Als. Daar zouden we Mommark aandoen. Ook vanuit Mommark wilden we fietsen. Hevige regenval hield ons echter in de comfortabele kajuit. Jammer, maar hier komen we nog wel eens terug.


Mommark

De voorspelling voor de derde vakantieweek was uitmuntend, oostelijke winden en warm weer. Daarbij een prettig tij, 's morgens en 's middags rond zes hoog water. Dat wilden we niet laten schieten.
Vanuit Kappeln zijn we op zondag 22 juli teruggevaren naar Kiel. Daarover meer in deel 5: Uitwijken naar Accumersiel?